DE DOOD – EINDE OF DOORGANG?
Deel 7 – Hel, Gehenna en vuurpoel: wat is dat werkelijk?
Hoofdtekst
Weinig onderwerpen hebben het denken over God zo sterk beïnvloed als de leer van de hel.
Voor velen is de hel een plaats van eindeloze pijniging, waar mensen na hun dood voor altijd bewust lijden.
Deze voorstelling heeft diepe angst veroorzaakt. Voor sommigen was het zelfs een reden om zich van God af te keren.
Maar de vraag is niet wat mensen geloven.
De vraag is:
wat zegt de Schrift werkelijk?
Om deze vraag te beantwoorden, moeten we beginnen met de woorden die in de Bijbel gebruikt worden.
In veel Nederlandse vertalingen worden verschillende woorden weergegeven met één woord: “hel”.
Maar in de oorspronkelijke teksten staan verschillende begrippen.
De belangrijkste zijn:
- graf (Hebreeuws: sheol, Grieks: hades)
- Gehenna
- de poel van vuur
Dit zijn niet dezelfde begrippen.
Het dodenrijk (sheol / hades)
De Schrift zegt:
“Want U zult mijn ziel in het graf niet verlaten, U zult niet toelaten dat Uw Heilige ontbinding ziet.” — Handelingen 2:27
Hier wordt gesproken over het graf.
Niet over een plaats van pijniging.
Maar over de plaats van de doden.
Zoals we eerder zagen, bevinden de doden zich in het graf.
Daar wachten zij op de opstanding.
Gehenna: een plaats van vernietiging
Jezus gebruikte vaak het woord Gehenna.
Hij zei:
“En wees niet bevreesd voor hen die het lichaam doden en de ziel niet kunnen doden, maar wees veeleer bevreesd voor Hem Die zowel ziel als lichaam kan verderven in de hel.” — Mattheüs 10:28
Concordant: 28 Vreest toch niet voor die het lichaam doden, maar niet de ziel kunnen doden! Vreest echter veeleer Die én de ziel én het lichaam kan ombrengen in het Gehenna. [Jak. 4:12]
Commentaar concordant: De ziel is de zetel van het gevoel, maar wordt algemeen verwisseld met de geest. Een ziels mens is iemand die door zijn gevoel wordt heen en weer gezwaaid. Hij kan zelfs sensueel zijn, want dat is de gebruikelijke weergave van Jac. 3.15. Zij van de apostelen die later gedood werden zullen in het koninkrijk niets verliezen. Hun zielen zullen in die dag overladen worden met blijdschap. Hun dood zal alleen maar toevoegen aan de vreugde van hun ziel in de opstanding. Zij echter die onder God’s oordeel komen in het koninkrijk, zullen niet alleen hun lichamen vernietigd zien in de vallei van Hinnom, net onder Jeruzalem, waar het afval van de stad werd verbrand, maar zij zullen alle blijdschap missen waar hun zielen naar verlangen in het millennium. De martelaren die ten behoeve van het koninkrijk sterven, hebben niets te vrezen. Voor zover het hun zielen betreft geeft de dood hen een onmiddellijke intrede in de geneugten van dat aardse paradijs, ook al was dat bij hun martelaarschap duizenden jaren in de toekomst.
Let op wat hier staat.
Niet: eeuwig pijnigen.
Maar: verderven. - Verderven betekent vernietigen.
Niet in leven houden. Maar het einde veroorzaken.
Gehenna was oorspronkelijk een dal buiten Jeruzalem, waar afval werd verbrand.
Het was een plaats van vernietiging. Niet van eindeloos leven in pijn.
De poel van vuur
De Schrift beschrijft ook de poel van vuur.
Johannes schrijft: “En de dood en het rijk van de dood werden in de poel van vuur geworpen. Dit is de tweede dood.”
— Openbaring 20:14
En:
“En als iemand niet bleek ingeschreven in het boek des levens, werd hij in de poel van vuur geworpen.”
— Openbaring 20:15
Let op deze woorden: de tweede dood
Niet: het tweede leven.
Niet: eeuwig leven in pijn.
Maar: de tweede dood.
Dood betekent het einde van leven.
Niet voortzetting van leven.
Het loon van de zonde is de dood
Paulus schrijft:
“Want het loon van de zonde is de dood, maar de genadegave van God is eeuwig leven, door Jezus Christus, onze Heere.”
— Romeinen 6:23
Concordant: Want de rantsoenen van de zonde is de dood. De genadegave van God echter is aionisch leven, in Christus Jezus, onze Heer. [Rom. 5:21, 15-21]
Commentaar: Zonde, net als een slavenhouder, betaalt geen loon, maar levert alleen rantsoenen. Dit bestaat, op dit moment, uit een houding naar God die gelijk staat aan de dood, want alle slaven van de zonde mijden Gods aanwezigheid. Daarom zullen hun daden uitlopen op verwoesting. Maar wij zien, als slaven, niet uit naar loon. God geeft niet alleen, maar geeft genadevol, of om niet, precies die beloning die er is voor hen van wie de volharding in daden er aanleiding voor geeft – aionisch leven, of leven tijdens de aionen (2:7).
Hier zien we een duidelijk contrast:
Dood tegenover eeuwig leven
Niet: eeuwig leven in pijn tegenover eeuwig leven in heerlijkheid
Maar: dood tegenover leven
God wil niet dat mensen verloren gaan
De Schrift openbaart ook Gods hart:
“De Heere vertraagt de belofte niet… maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.”
— 2 Petrus 3:9
God wil niet dat mensen verloren gaan.
Zijn plan is gericht op redding.
Niet op eindeloze pijniging.
De laatste vijand wordt vernietigd
De Schrift zegt:
“De laatste vijand die tenietgedaan wordt, is de dood.” — 1 Korinthe 15:26
En:
“En de dood zal niet meer zijn.” — Openbaring 21:4
Als de dood uiteindelijk niet meer bestaat, kan er ook geen plaats van dood meer bestaan.
Gods plan eindigt niet met dood.
Maar met leven.
Waarom dit belangrijk is
De leer van een eeuwige hel heeft het beeld van God diep beïnvloed.
Maar de Schrift laat zien dat de dood de vijand is.
Niet een instrument van eindeloze pijniging.
God overwint de dood.
Hij houdt hem niet eeuwig in stand.
Samenvatting
De Schrift leert:
Gehenna betekent vernietiging.
De poel van vuur wordt genoemd: de tweede dood.
De dood is het einde van leven.
Gods plan eindigt met overwinning op de dood.
Doordenkvraag
Als de dood werkelijk wordt vernietigd, wat betekent dat voor het idee van een eeuwige hel?
Als bijlage een aantal pagina’s uit mijn boek.
❻ De opstanding van de overige doden
Deze opstanding vindt plaats na de duizend jaren.
① Alle overige doden, zowel rechtvaardigen als onrechtvaardigen, staan dan op en worden geoordeeld naar hun werken.
② Degenen wiens naam niet in het boek des levens staat, worden geworpen in de tweede dood, wat is dat, let op de Schrift geeft antwoord: dat is het meer van vuur, tot het einde van het 1000 jarige rijk, dan zullen ook deze opstaan en een onvergankelijk leven krijgen.
❼ De poel van vuur:
Dit is geen vagevuur! Het is juist het tegenovergestelde: een natuurlijke en snelle afronding van het oordeel, zonder de langdurige pijn en loutering die vaak met het concept van vagevuur wordt geassocieerd. De zondaar voelt nauwelijks iets en doet evenmin iets bewust. Er is geen langdurige marteling, geen geleidelijke reiniging van het oude, geen mystiek bestaan in de vlammen van de dood. Niets wordt geforceerd; alles verloopt natuurlijk. De mens wordt vernederd [pijnlijk om te ervaren] en God wordt verheerlijkt. Dit proces vindt plaats wanneer de menselijke trots en autonomie worden ontmanteld, wat leidt tot een volledige afhankelijkheid van en erkenning van Gods soevereiniteit. Het is een transformatie waarbij de mens zijn plaats in Gods plan leert begrijpen, waardoor Gods grootsheid des te meer zichtbaar wordt. Al Gods vernietigende processen zijn relatief snel geweest, dus waarom zou het laatste niet het snelste zijn?
Laat ik altijd voor ogen houden dat het werpen in de poel des vuurs pas plaatsvindt nadat de doden zijn gericht en alles rechtgezet is. De verontwaardiging, woede, kwelling en benauwdheid die over elke menselijke ziel komt die het kwade doet [Rom. 2:9], is tegen die tijd al ervaren. Dat maakt deel uit van het oordeel dat dan reeds achter de rug is. De dood in de poel des vuurs is geen onderdeel van het gericht. Dit onderscheid is belangrijk omdat het de nadruk legt op de scheiding tussen het oordeel zelf, dat gericht is op correctie en rechtvaardigheid, en de uiteindelijke dood, die fungeert als een afsluiting en bevrijding van verdere kwelling. Het is ook geen plaats van kwelling voor hen die sterfelijk zijn."
Mensen worden niet eenvoudigweg berecht, maar daadwerkelijk gericht. Dit proces gaat door totdat zij in de poel des vuurs worden geworpen. Dan, in die dood, houdt alle gewaarwording op. Dit moment markeert het hoogtepunt van het thema van reiniging en genade, waarbij de volledige beëindiging van het bewustzijn niet een daad van wreedheid is, maar een ultiem teken van barmhartigheid en bevrijding van verder lijden. Zij worden er volledig vrij van gemaakt; het is juist geen martelkamer maar een reiniging gebeuren.
De meesten van ons hebben gevallen van menselijk lijden meegemaakt waarbij we ons afvroegen of het wijs was om de dood te blijven bestrijden. Vaak slaken we een zucht van verlichting wanneer de laatste ademtocht een einde maakt aan ondraaglijke martelingen. Op een vergelijkbare manier zal de poel des vuurs op barmhartige wijze een einde maken aan de gerichtsperiode voor allen die lijden voor hun zonden. Deze barmhartigheid illustreert het grotere theologische kader van een rechtvaardige maar liefdevolle God, die uiteindelijk het lijden beëindigt om de harmonie van Zijn schepping te herstellen. Het laat zien hoe zelfs in oordeel de barmhartigheid van God centraal blijft staan, door lijden te beperken en verlossing te benadrukken. [zonde = doel missen]
❽ De Poel van Vuur anders bekeken?
De uitdrukking “de Poel van Vuur” [lett. het meer van het vuur] komt 5x voor en wel in het boek ‘Openbaring’. Het woord ‘poel’ is een ander woord voor een meer, vaak gebruikt om een natuurlijke watermassa aan te duiden. Bijvoorbeeld het meer van Genesaret [Lucas 5:1], dat bekend staat als een grote zoetwaterbron in Israël. In Bijbelse context wordt ‘poel’ soms ook figuurlijk gebruikt, zoals in 'de Poel van Vuur', om een specifieke betekenis of symboliek over te brengen. De eerste keer dat gesproken wordt van “het meer van het vuur” is in Openbaring 19:20. Uit de samenhang en andere teksten blijkt dat er sprake is van een veldslag niet ver verwijderd van de Dode Zee. Wellicht dat juist dit meer, dat vanouds bekend staat om z’n vuur en zwaveldampen [Genesis 19:24-28], model staat voor de naam. Deze associatie versterkt de symboliek van de Poel van Vuur als een plaats van ultieme zuivering en oordeel, waarbij de historische kenmerken van vuur en zwavel de ernst en definitieve aard van deze locatie benadrukken.
Van de satan, het beest en de valse profeet lezen ik dat ze worden geworpen in het meer van het vuur en daar ook gepijnigd worden “tot in de aionen der aionen” [Openbaring 19:20; 20:10]. Deze uitdrukking, die letterlijk 'tot in de eeuwen der eeuwen' betekent, duidt op een periode die buiten menselijke tijdsbegrippen ligt en wordt vaak gebruikt om de eeuwige en onafgebroken aard van een toestand of gebeurtenis te benadrukken in Bijbelse context.
Bij het gericht voor de Grote Witte Troon lees ik dat degenen van wie de naam niet staat geschreven in het Boek van het Leven, geworpen zal worden in het meer van het vuur. Tot 2x toe wordt er dan bij gezegd: dit is de tweede dood [20:14; 21:8]. De tweede dood verwijst naar een definitief einde, een toestand van volledige scheiding van leven en bewustzijn, zoals bedoeld in Bijbelse termen.
Dit concept onderscheidt zich van de fysieke dood doordat het een spirituele dimensie heeft en een onherroepelijke afsluiting van het bestaan symboliseert. Let op: voor satan en zijn beide kompanen zal het vuur van het vuur géén tweede dood zijn. Zij zijn sowieso niet dóód maar worden daar juist gepijnigd. En bovendien is het geen twééde dood omdat ze niet eens een éérste keer dood geweest zijn.
Conclusie: op drie uitzonderingen na zal “het meer van het vuur” voor ieder een toestand van dóód betekenen en niet van voortleven. De uitzonderingen zijn satan, het beest, en de valse profeet, die in plaats daarvan eeuwig gepijnigd worden. Deze uitzonderingen benadrukken de unieke en onherroepelijke aard van hun oordeel binnen het grotere plan van verlossing en gerechtigheid. Totdat de dood als laatste vijand zal worden teniet gedaan en allen worden levend gemaakt [1Kor.15:22-28].
❾ De poel is geen letterlijke dood
Het is niet letterlijk de dood, maar de oorzaak van de dood. Wanneer we de letterlijke betekenis van de dood afleiden uit dit figuurlijke gebruik, wordt haar werkelijke definitie vrijwel omgekeerd.
Laat ik mij altijd voor ogen houden dat het werpen in de poel des vuurs plaatsvindt nadat de doden zijn gericht en alles rechtgezet is voor de grote witte troon. De dood in de poel des vuurs maakt geen deel uit van het oordeel. Het is geen plaats van kwelling voor sterfelijken!
Het woord 'werpen', dat aanvankelijk zo wreed leek, is in werkelijkheid vervuld van barmhartigheid. Het suggereert een plotseling en vastbesloten einde. Een seconde is alles wat nodig is.
Voor de grote witte troon worden mensen niet alleen berecht, maar daadwerkelijk gericht. Dit proces gaat door totdat zij in de poel des vuurs worden geworpen. Op dat moment, in de dood, houdt alle gewaarwording op. Zij worden er volledig van verlost; het is juist geen martelkamer. De poel des vuurs zal op barmhartige wijze de gerichtsperiode afsluiten voor allen die lijden vanwege hun zonden.
❿Doel van de opstanding
① Herstel van Gods Schepping: De opstanding, in al haar fasen, zie ik als een cruciaal onderdeel van Gods plan om Zijn schepping te herstellen en alle dingen recht te zetten. Het is Gods manier van rechtzetten!
② Openbaring van Gods Kracht: De opstanding demonstreert Gods macht over de dood en Zijn vermogen om leven te geven.
③ Vervulling van Gods beloften: De opstanding is de vervulling van Gods beloften aan Zijn volk en de basis voor hun hoop op eeuwig leven.
① Belang van de context
Bijbelteksten over de opstanding moet ik zorgvuldig interpreteren binnen hun historische en literaire context, waarbij ik het Woord van God ‘recht snijd’.
⓬ Ondersteunende teksten voor de opstanding
Diverse Bijbelteksten ter ondersteuning van de opstanding. Deze teksten worden gebruikt om de verschillende fasen van de opstanding te illustreren, de deelnemers te identificeren en de uiteindelijke betekenis ervan te benadrukken.
Johannes 5:28-29: Verwondert u hierover niet, want een uur is komende, waarin allen die in de graven zijn, zijn stem zullen horen, en zij zullen uitkomen: wie het goede gedaan heeft, tot de opstanding ten leven, wie het kwade gedaan heeft, tot de opstanding ten oordeel.
Deze tekst introduceert direct het concept van twee soorten opstandingen: "opstanding ten leven" en "opstanding ten oordeel". Let op: Het oordeel hier genoemd is niet dat het veroordeling impliceert, maar een beoordeling of scheiding van kwaad en goed.
Handelingen 24:15: En ik heb de hoop op God, die ook zij zelf koesteren, dat er een opstanding van de doden zal zijn, van zowel rechtvaardigen als onrechtvaardigen.
Deze tekst bevestigt dat zowel rechtvaardigen als onrechtvaardigen zullen opstaan, wat duidt op twee groepen die een opstanding zullen ervaren.
Lucas 14 En u zal zalig worden in de opstanding der rechtvaardigen.
Deze tekst suggereert een onderscheid tussen de opstanding van de rechtvaardigen en een andere, niet-gespecificeerde opstanding, aangezien er expliciet wordt verwezen naar de "opstanding der rechtvaardigen".
Markus 9:9: En terwijl zij van de berg afdaalden, gebood Hij hun dat zij niemand zouden vertellen wat zij gezien hadden, voordat de Zoon des mensen uit de doden zou zijn opgestaan.
Deze tekst introduceert de term 'opstanding uit de doden', wat wijst op een selectieve opstanding waarbij iemand opstaat terwijl de rest van de doden in hun graven blijft. Let op het belang van dit onderscheid en wees alert op het misverstand dat deze term vaak wordt geïnterpreteerd als 'opstanding uit de dood’.
Handelingen 4:2: zij waren zeer verbolgen, omdat zij het volk leerden en in Jezus de opstanding uit de doden verkondigden.
Deze tekst illustreert hoe de apostelen getuigden van Jezus' opstanding als een "opstanding uit de doden", wat hun begrip van een selectieve opstanding aantoont.
Lucas 20:35 Maar zij die waardig gerekend worden dat tijdperk te verkrijgen en de opstanding uit de doden, huwen niet en worden ook niet ten huwelijk gegeven.
Deze tekst beschrijft degenen die "waardig gerekend worden" om deel te krijgen aan de toekomende wereld en de opstanding uit de doden. Zij zullen onsterfelijk zijn en niet meer huwen, vergelijkbaar met engelen. Let op de koppeling tussen het "zoon van God" zijn en de opstanding.
Openbaring 20:4-6: En ik zag tronen, en zij zetten zich daarop, en het oordeel werd hun gegeven. En ik zag de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God, en die noch het beest noch zijn beeld hadden aangebeden en die het merkteken niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden weder levend en heersten als koningen met Christus, duizend jaren lang. De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dit is de eerste opstanding. Zalig en heilig is hij die deel heeft aan de eerste opstanding; over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van Christus zijn en zij zullen met Hem als koningen regeren, duizend jaren lang.
Deze tekst beschrijft de 'eerste opstanding' als een selectieve opstanding van degenen die gestorven zijn omwille van hun geloof in Jezus. Zij zullen gedurende de duizend jaren met Christus regeren en worden niet getroffen door de 'tweede dood'. De tekst illustreert het concept van twee opstandingen, het oordeel en de tweede dood.
Johannes 5:28: Verwondert u daar niet over, want de ure komt, waarin allen, die in de graven zijn, Zijn stem zullen horen; alle doden staan t.z.t. op.
Deze tekst benadrukt nogmaals dat alle doden zullen opstaan, wat het concept van een algemene opstanding ondersteunt.
1 Thessalonicenzen 4:16: want de Heer zelf zal in een commando, in de stem van de overste van de boodschappers en in de bazuin van God, neerdalen vanaf de hemel, en de doden in Christus zullen eerst opstaan.
Deze tekst beschrijft de opstanding van de "doden in Christus" als een eerste fase in de opstanding, die plaatsvindt bij de wederkomst van Christus.
Openbaring 20:4,5:…de zielen van hen, die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het woord van God, en die noch het beest noch zijn beeld hadden aangebeden en die het merkteken niet op hun voorhoofd en op hun hand ontvangen hadden; en zij werden weder levend en heersten als koningen met Christus, duizend jaren lang. De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dit is de eerste [PROTOS] opstanding.
Deze tekst, wordt hier gebruikt om te illustreren dat het Griekse woord "protos" niet alleen "eerste in tijd" betekent, maar ook "eerste in rang" kan betekenen. Dit suggereert dat de eerste opstanding niet alleen de eerste in tijd is, maar ook de belangrijkste en meest eervolle.
⓭ Resumerend dat ik niet gelijk verder leef in de hemel na mijn overlijden
Alle mensen zullen na hun dood eens weer levend worden gemaakt om door Jezus gericht [geoordeeld] te worden voor wat betreft hun daden en de keuzes en plannen die ze tijdens hun leven in hun hart overwogen. Degenen die opstaan ten oordeel worden verlost van hun ellende. Dit is positief omdat de ellende, je fouten etc. gescheiden worden van het goede. Sommigen zullen opnieuw ter dood gebracht worden in de poel van vuur. Via de poel van vuur worden die mensen verlost van alles wat aan hem/haar kleeft wat niet mee kan in het nieuwe leven van reinheid en eerlijkheid. De Bijbel spreekt over een 2e dood. De overigen leven verder in een vernieuwd onsterfelijk lichaam welke ze hebben verkregen bij de opstanding ten leven.
Wanneer het kwaad en de dood uiteindelijk zijn afgeschaft en de hele schepping beseft wie/wat GOD is, dan zullen alle mensen Hem liefhebben. GOD zal dan “alles in allen zijn,” het plan is voltooid. En dan breekt er een nieuwe fase in mijn leven aan. Hoe die er precies uit zal zien, daar zegt de Schrift weinig over, behalve dat het toekomstige leven zo heerlijk zal zijn, dat ik aan mijn huidige bestaan niet eens meer zal willen denken. Alles wat GOD heeft geschapen leeft dan in volledige harmonie met Hem en met elkaar. Dat is wat de Schrift mij leert, en dat is niet omdat ik het zo voel of omdat de traditie dat leert. Het is gebaseerd op feiten die iedereen kan controleren, zie hierboven de ondersteunende teksten.
⓮ Wat moet ik dan met de tekst uit Johannes 11: 25
25Jezus zeide tot haar: Ik ben de opstanding en het leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven, 26en een ieder, die leeft en in Mij gelooft, zal in eeuwigheid niet sterven; gelooft gij dat?
Vaak heb ik horen uitleggen dat dit een bewijs is voor een eeuwig leven in de hemel. Onlangs zag ik hem op een grafsteen staan?
Als je oppervlakkig leest en verder niet zoekt en je hebt al in je hoofd dat er in de Bijbel staat dat een mens bij de dood verder leeft in de hemel dan past deze tekst geweldig. Maar ook deze tekst plaatsen en recht snijden.
2 Timotheüs 3:16-17 "Heel de Schrift is door God opgegeven en is nuttig om daarbij te onderwijzen, te weerleggen, te verbeteren en op te voeding in de rechtvaardigheid, de mens van God volmaakt zou, tot elk goed werk volkomen toegerust." Onderwijzen, weerleggen, rechtvaardigheid en “Recht snijden” in 2 Timotheüs 2:15.
Toen ik ging zoeken zag ik dat deze tekst haaks op vele andere teksten staat, enkele voorbeelden:
Prediker 9:5 5De levenden weten tenminste, dat zij sterven moeten, maar de doden weten niets; zij hebben geen loon meer te wachten, zelfs hun nagedachtenis is vergeten.
Prediker 9:10 10Al wat uw hand vindt om naar uw vermogen te doen, doe dat, want er is geen werk of overleg of kennis of wijsheid in het dodenrijk, waarheen gij gaat.
Psalm 146:4 4gaat zijn adem uit, dan keert hij weder tot zijn aarde, te dien dage vergaan zijn plannen.
Psalm 115:17 17Niet de doden zullen de Here loven niemand van wie in de stilte zijn neergedaald
① Dit conflicteert met elkaar : vereist nader onderzoek
Dit conflicteert met elkaar, dus zie ik iets over het hoofd. Laat ik de tekst eens lezen in een vertaling die dicht bij concordant staat de SW vertaling.
SW: 25 Jezus zei tot haar: "Ik ben de Opstanding en het Leven. Die in Mij gelooft, ook indien hij zal sterven, zal leven. [1Kor. 15:21] – [Joh. 14:6]
De concordante vertaling ziet er als volgt uit: zei tot-haar de Jezus ik ben de opstanding en het leven degene gelovende tot-in mij ook- indien dat-hij-zal-sterven zal-leven. Zie het onderstaande schema:
Weer een voorbeeld van iets in de Bijbel lezen wat er niet staat!
De opvallende zinsnede "en het Leven" is de sleutel naar de grote waarheid die hier door onze Heer w
ordt ontvouwd. Eerst moet ik het plaatsen: Jezus spreekt tegen Maria nadat Lazarus is overleden. Op Zijn bewering dat "Je broer zal opstaan" [uit het voorgaande van Johannes 11] staat Martha op, want zij wist dat allen zouden opstaan "in de laatste dag". Maar dit is ver van de waarheid. Er zijn twee opstandingen. Eén noemde Hij "de opstanding ten leven", de andere "de opstanding ten oordeel". Aangezien opstanding noodzakelijkerwijze leven inhoudt, kan ik zien dat het woord "leven" wordt gebruikt in een geïntensiveerde betekenis. De "opstanding ten leven" deelt aionisch leven uit, terwijl "de opstanding ten oordeel" leidt tot aionische dood. Aionisch want het heeft een begin en een einde de mensen die een 2e dood zijn gestorven na de opstanding ten oordeel zullen na de 1000 jaren ook weer opgewekt worden!
Johannes 5 28Verwondert u hierover niet, want de ure komt, dat allen, die in de graven zijn, naar zijn stem zullen horen, 29en zij zullen uitgaan, wie het goede gedaan hebben, tot de opstanding ten leven, wie het kwade bedreven hebben, tot de opstanding ten oordeel.
Onze Heer probeert Martha te troosten met de beste van alle vertroostingen, de levendmaking van al de Zijnen bij Zijn komst, lang voor "de laatste dag", bij het prille begin van de millennia aion, de eerste opstanding.
SW - Openbaring 20: 6 Gelukkig en heilig is die deel heeft aan de eerste opstanding. Over dezen heeft de tweede dood geen autoriteit, maar zij zullen priesters van God zijn en van Christus en zij zullen met Hem de duizend jaren koningen zijn. [Openb. 2:11] – [Ex. 19:6]
De duizend jaren begrenzen hun heersen als priesters. Als koningen heersen zij voor de aionen van de aionen [22:5] – een veel langere periode.
SW - Openbaring 22:5 5 En er zal niet meer nacht zijn en zij hebben geen behoefte aan het licht van een lamp en aan het licht van de zon, want de Here God zal hen verlichten. En zij zullen koningen zijn tot in de aionen van de aionen. [Zach. 14:7] – [Jes. 60:19,20] – [Dan. 7:18,27]