DE DOOD – EINDE OF DOORGANG?
Deel 4 – Opstanding: de enige overwinning op de dood
Hoofdtekst
Als de dood werkelijk de dood is, zoals we in de vorige delen hebben gezien, dan ontstaat een onvermijdelijke vraag:
Is er nog hoop na de dood?
De Schrift geeft daarop een helder en krachtig antwoord:
Ja. Maar alleen door opstanding.
Niet door een onsterfelijke ziel, niet door voortleven na de dood, maar door opstanding uit de dood.
De apostel Paulus schrijft:
“Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, als eersteling van hen die ontslapen zijn. Want omdat de dood er is door een mens, is ook de opstanding van de doden er door een Mens. Want zoals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.”
— 1 Korinthe 15:20-22
Let op wat hier staat.
Niet: allen leven verder.
Maar:
allen sterven.
En:
allen zullen levend gemaakt worden.
Levend gemaakt worden betekent dat zij eerst dood zijn.
Werkelijk dood.
De dood is een vijand, geen doorgang
De dood is volgens de Schrift geen vriend, maar een vijand.
Paulus schrijft:
“De laatste vijand die tenietgedaan wordt, is de dood.” — 1 Korinthe 15:26
Als de dood slechts een doorgang naar een beter leven zou zijn, zou hij geen vijand zijn.
Maar de dood vernietigt het leven, daarom moet hij zelf vernietigd worden.
Niet door hem te accepteren, maar door hem ongedaan te maken.
Door opstanding.
Wat is opstanding?
Opstanding is niet het voortleven van een ziel.
Opstanding is het opnieuw levend maken van een gestorven mens.
Jezus zelf zegt:
“Verwonder u hierover niet, want de ure komt waarin allen die in de graven zijn, Zijn stem zullen horen, en zij zullen eruit gaan: wie het goede gedaan hebben, tot de opstanding van het leven, en wie het kwade gedaan hebben, tot de opstanding van het oordeel.” — Johannes 5:28-29
Let op deze woorden:
allen die in de graven zijn. - Niet: allen die in de hemel zijn en ook niet: allen die in de hel zijn.
Maar: allen die in de graven zijn.
De doden bevinden zich in het graf en zij zullen daaruit worden opgewekt.
Jezus: het bewijs van opstanding
De opstanding van Jezus is het fundament van alle hoop.
Paulus schrijft:
“En indien Christus niet is opgewekt, dan is onze prediking zonder inhoud, en zonder inhoud is ook uw geloof.”
— 1 Korinthe 15:14
En verder:
“Indien Christus niet is opgewekt, is uw geloof zinloos; u bent dan nog in uw zonden.” — 1 Korinthe 15:17
Waarom is dit zo belangrijk?
Omdat Christus niet verder leefde na Zijn dood.
Hij was dood, werkelijk dood.
Maar God wekte Hem op.
Petrus verklaart:
“Deze Jezus heeft God doen opstaan, waarvan wij allen getuigen zijn.” — Handelingen 2:32
Niet: Hij leefde verder.
Maar:
God heeft Hem opgewekt.
Opstanding is geen voortzetting, maar een overwinning
Paulus beschrijft het verschil tussen ons huidige lichaam en het opstandingslichaam:
“Zo is ook de opstanding van de doden. Het lichaam wordt gezaaid in vergankelijkheid en opgewekt in onvergankelijkheid. Het wordt gezaaid in oneer en opgewekt in heerlijkheid. Het wordt gezaaid in zwakheid en opgewekt in kracht. Een natuurlijk lichaam wordt gezaaid, een geestelijk lichaam wordt opgewekt.”— Korinthe 15:42-44
Het lichaam wordt gezaaid. - Dat is een beschrijving van begrafenis.
Wat gezaaid wordt, is dood. - Wat opgewekt wordt, ontvangt nieuw leven.
Zonder opstanding is er geen hoop
Paulus zegt:
“Indien wij alleen voor dit leven op Christus hopen, zijn wij de meest beklagenswaardige van alle mensen.” — 1 Korinthe 15:19
De hoop van de gelovige ligt niet in dit leven, maar in de opstanding.
Daarom schrijft Paulus ook:
“Want de Heer Zelf zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van God neerdalen uit de hemel. En de doden die in Christus zijn, zullen eerst opstaan.” — 1 Thessalonicenzen 4:16
Let op:
de doden zullen opstaan.
Niet:
de levenden zullen terugkeren.
Maar:
de doden zullen opstaan.
Waarom dit belangrijk is
De opstanding is het hart van het Evangelie.
Zonder opstanding is de dood het einde.
Maar door opstanding wordt de dood overwonnen.
God redt de mens niet door hem te laten ontsnappen aan de dood.
God redt de mens door hem uit de dood terug te brengen.
Samenvatting
De Schrift leert:
- de dood is een vijand
- de mens is werkelijk dood
- Christus werd opgewekt uit de dood
- alle doden zullen worden opgewekt
De hoop van de mens ligt niet in sterven.
Maar in opstanding.
Doordenkvraag
Is je hoop gebaseerd op een onsterfelijke ziel — of op de opstanding uit de dood die God heeft beloofd?
Bijlage: Enkele pagina's uit mijn boek
Hoe kon ik dealen met de leringen die ik ooit had meegekregen?
❶ Zienswijze zoals ik die heb meegekregen
Om te beginnen neemt men aan, dat de hele mensheid aan de eeuwige dood is onderworpen, wat volgens de orthodoxe opvatting, een eindeloos leven in ellende betekent. Alle mensen verdienen de hellestraf en lopen het gevaar om voor eeuwig verloren te gaan. Tijdens dit leven wordt het oordeel uitgesteld en de mensen een gelegenheid geboden om aan het vonnis dat hen boven het hoofd hangt te ontsnappen. Langs de weg van bekering en geloof in Christus. Je zou het de proeftijd van de mens kunnen noemen: een korte gelegenheid om aan de hel te ontsnappen en zich van de hemel te verzekeren. Als ik nalaat om van die gelegenheid gebruik te maken en onboetvaardig sterft, dan wordt het vonnis onherroepelijk voltrokken en ik als mens ga voor eeuwig verloren. Nadruk op straf: Het traditionele beeld van de hel focust op straf en vergelding voor zonden, in plaats van een plaats van loutering of herstel
❷ De Bijbel kent geen eeuwige dood
① Ten eerste wordt er in de Bijbel nooit over zoiets als een “eeuwige dood” gesproken, noch de uitdrukking, noch de gedachte komen ook maar ergens in de heilige Schriften voor, zelfs niet in de Bijbel [Bijbel is een vertaling van de geschriften Gods].
② Ten tweede: de waarheid is niet, dat de mens de dood voor ogen heeft en het gevaar loopt om verloren te gaan, maar dat hij reeds dood en verloren IS, we gaan toch allemaal dood? Op de dag van je geboorte begint tegelijk het proces van de dood, en dat Christus kwam om te zoeken en zalig te maken dat verloren is, en aan een [dode] wereld het leven te geven [Joh.6:33].
③ Ten derde: zo’n afschuwelijke opvatting van het leven wordt nergens in de Schriften onderwezen.
NBG "Want alzo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat een ieder, die in Hem gelooft, niet verloren ga, maar eeuwig leven hebbe." Joh. 3:16 NBG.
SW 16 Want God heeft de wereld zo lief, dat Hij Zijn Zoon, de enigverwekte, geeft, opdat elke in Hem gelovende toch niet verloren zal gaan, maar dat hij aionisch leven zal hebben.
Dit is misschien wel het meest beroemde vers in de Bijbel en wordt over de hele wereld in heel veel kerken en of gemeenten [Reformatorisch maar ook Evangelisch] gebruikt om mensen aan te sporen zich te bekeren en Jezus Christus aan te nemen als hun Verlosser en Heer. Het vers wordt ook vaak gebruikt om te bewijzen dat je absoluut ‘nu’ Jezus Christus moet accepteren om eeuwig leven te verkrijgen. Doe je dat niet dan ben je voor eeuwig verloren en wacht na je dood de hel.
Dus geloven voor een ticket naar de hemel ,voor wat, hoort wat of anders gezegd: “De hemel verdienen”, geen genade maar verdiensten: “Ik heb Jezus aangenomen, dat is mijn keuze en mijn prestatie”! Mijn verdienste!
Prediker 9 : 5 De levenden weten tenminste, dat zij sterven moeten, maar de doden weten niets...
Joh. 3:13 - En niemand is opgevaren naar de hemel, dan die uit de hemel nedergedaald is, de Zoon des mensen."
Dit staat toch haaks op bovengenoemde geloofsbelijdenis over dood, verloren gaan en hel.
Mijn ticket naar de hemel, waar koop ik die?
Zoeken en vinden
Gelovigen zullen deze eeuw [aion] beërven, ongelovigen niet. Maar we weten dat "de toekomende eeuw-aion" niet de laatste eeuw- aion is. De Bijbel spreekt namelijk over "de komende eeuwen" en over "de voleinding der eeuwen". Hierover is in Johannes 3:16 niets gezegd over de definitieve bestemming van de ongelovige, die volgt immers na deze aion. Gelovigen gaan een kortere weg, niet gelovigen maken een omweg.
God heeft de wereld lief, zegt Johannes 3:16. Dat is een feit. Het ongeloof van de mens verandert daar volstrekt niets aan [Romeinen 3:3]. Wonderlijk dat Johannes 3:16 zo bekend is, terwijl slechts weinigen weten wat in het daaropvolgende vers 17 staat. Dit kan komen doordat vers 16 vaak wordt aangehaald vanwege zijn krachtige boodschap over Gods liefde, terwijl vers 17, dat spreekt over redding in plaats van veroordeling, minder nadruk krijgt. Dit verschil in bekendheid laat zien hoe interpretatie en selectie invloed hebben op onze focus binnen de Bijbel.
Want God heeft zijn Zoon niet in de wereld gezonden, opdat Hij de wereld veroordele, maar opdat de wereld door Hem behouden worde.
De consequentie hiervan is, dat als God de wereld niet daadwerkelijk zou redden, dan heeft Hij zijn Zoon voor niets in de wereld gezonden. Dit impliceert dat Gods plan van redding niet zou slagen, wat indruist tegen Zijn natuur als volmaakt en almachtig. Bovendien bevestigen passages zoals 1 Timotheüs 2:4, waarin wordt gezegd dat God wil dat alle mensen worden gered, en 2 Petrus 3:9, dat Hij geduldig is en wil dat niemand verloren gaat, de zekerheid van Zijn reddingsplan. Dan zou hijzelf de grootste doelmisser of in de taal van de Schrift, [zonde betekent je doel missen] de grootste zondaar aller tijden zijn. Godzijdank is Jezus Christus naar waarheid “de Redder der wereld” [Joh.4:42; 1Joh.4:14]!