Gebed stuurt God niet — het stemt ons af op Zijn wil

Gebed is niet de hand die Gods hand stuurt.
Wat is het dan wel?

Gebed is het verlangen dat Gods wil gedaan zal worden.

Wat betekent “bidden” eigenlijk?

De schrijvers van het Nieuwe Testament schreven in het Grieks. Het woord dat zij gebruikten voor communicatie met God — het woord dat meestal vertaald wordt met gebed is proseuchē.

De mensen in het Nieuwe Testament “baden” dus niet op de manier waarop wij dat woord vaak vullen; zij proseuchē-den.

Wat betekende dat woord voor hen?

Het Griekse proseuchē bestaat uit twee delen:

  • pros tot, naar, gericht op
  • euchēgebed, wens, verzoek

Gebed is dus: gericht zijn tot God met een verlangen en een verzoek. In het hart van gebed ligt niet het sturen van Gods handelen, maar het gericht worden op Hem — en op Zijn wil.

Daarom ligt het meest wezenlijke gebed niet in: “Heer, doe wat ik wil”,
maar in: “Uw wil geschiede.”

Gods plan: alles in Christus samenvatten

God staat ons toe iets van Zijn plan te kennen. En dat plan is niet klein: Hij heeft Zich voorgenomen dat de hele menselijke geschiedenis uiteindelijk in Christus samengevat zal worden, dat alles in hemel en op aarde zijn volmaaktheid en bestemming in Hem vindt.

Hij heeft ons het geheimenis van Zijn wil bekendgemaakt (…) om in de bedeling van de volheid der tijden alles weer in Christus bijeen te brengen, zowel wat in de hemel als wat op de aarde is.”  —   Efeziërs 1:9–10

En Paulus zegt hetzelfde op een andere plaats:

Hij is het beeld van de onzichtbare God (…) Want het heeft de Vader behaagd dat in Hem heel de volheid wonen zou, en dat Hij door Hem alles met Zichzelf verzoenen zou (…) door vrede te maken door het bloed van Zijn kruis.” — Kolossenzen 1:15, 19–20

Het grootste gebed dat ooit werd gebeden

Het meest aangrijpende voorbeeld van gebed vinden we bij Jezus in Gethsémané.

Toen kwam Jezus met Zijn discipelen bij een plaats die Gethsémané heette. En Hij zei tegen hen: ‘Blijf hier zitten, terwijl Ik daar ga bidden.
(…) Toen liep Hij wat verder, viel met Zijn gezicht ter aarde en bad:
Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan.’
Maar het grootste gebed moest toen nog komen:
Toch niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt.’”  —  Mattheüs 26:36–39

Dat was het grootste gebed dat ooit werd uitgesproken.

Waarom zou je het gebed van Jabez bidden als je het gebed van Jezus kunt bidden?

Het gebed van Jabez (1 Kronieken 4:9–10) was een oprechte smeekbede van iemand die meer ruimte, meer zegen en meer bescherming verlangde. God hoorde hem en gaf hem wat hij vroeg. Het was het juiste gebed voor de juiste tijd — maar het is niet het hoogste gebed.

Er is een tijd voor geestelijke onvolwassenheid. We zijn tenslotte allemaal ooit baby’s geweest, en er is niets mis met gepureerd eten — zolang je er maar niet voor altijd aan vast blijft zitten.

Wil je volwassen worden in je gebedsleven? Bid dan het gebed van Jezus:

Maar het moet niet gaan zoals ik wil, maar zoals U wilt.

Het was Gods wil dat Jezus zou sterven. Ik denk dat Jezus dat wist — maar het was niet “makkelijk”. Het ging dwars door lijden heen.

En toch werd juist door Zijn gehoorzaamheid Gods plan werkelijkheid:

Hij heeft Hem opgewekt uit de doden en Hem gezet aan Zijn rechterhand (…) en Hij heeft alle dingen aan Zijn voeten onderworpen.” — Efeziërs 1:20–22

God zij dank dat Jezus niet het gebed van Jabez bad.

Geestelijke groei: minder praten, meer luisteren

Mark Twain zei ooit:

“Toen ik veertien was, was mijn vader zo dom dat ik hem nauwelijks om me heen verdragen kon. Maar toen ik éénentwintig was, was ik verbaasd hoeveel hij had geleerd in zeven jaar tijd.”

Hoe langer mensen met God wandelen, hoe vaker ze hun mond houden en leren luisteren. Met een gesloten mond hoor je beter. En als je beter hoort, leer je.

Want als iemand bidt voor wat God wil, dan gebeurt het altijd. à Altijd!

Elia: krachtige gebeden — en een luisterend leven

Jakobus schrijft:

Een krachtig gebed van een rechtvaardige brengt veel tot stand. Elia was een mens zoals wij, maar hij bad vurig dat het niet zou regenen, en het regende niet op het land drie jaar en zes maanden. En hij bad opnieuw, en de hemel gaf regen en de aarde bracht haar vrucht voort.” — Jakobus 5:16–18

Elia was “de man op de gebedsposter”, lang voordat Jabez populair werd.

Maar Elia zou alle lof waarschijnlijk afwijzen. Hij had geen magische “gebedskracht”. Het geheim was niet volume, duur of intensiteit. Het geheim was: hij stond vóór God en luisterde.

Zo waar de HEERE, de God van Israël, leeft, voor Wiens aangezicht ik sta: er zal deze jaren geen dauw of regen komen, behalve op mijn woord.” — 1 Koningen 17:1

Met andere woorden: Elia sprak woorden — maar die woorden kwamen voort uit het staan voor Gods aangezicht.

En wanneer de regen terugkomt, is dat niet omdat Elia ineens van gedachten verandert, maar omdat God het moment aangeeft:

Het gebeurde na vele dagen dat het woord van de HEERE tot Elia kwam (…) ‘Ga, vertoon je aan Achab, want Ík zal regen geven op de aardbodem.’” — 1 Koningen 18:1

Paulus: intelligent bidden voor wat God al heeft beloofd

Wanneer Paulus de gemeente vraagt om te bidden, vraagt hij hen niet om willekeurige “verlanglijstjes”. Hij vraagt om gebed voor dingen waarvan hij weet dat ze passen binnen Gods plan.

Bijvoorbeeld:

Bid ook voor mij, opdat mij het woord gegeven wordt bij het openen van mijn mond, om met vrijmoedigheid het geheimenis van het Evangelie bekend te maken.” — Efeziërs 6:19

Maar Paulus wist al dat God dit zou doen, want God had hem eerder gezegd:

Heb goede moed, want zoals je van Mij getuigd hebt in Jeruzalem, zo moet je ook in Rome getuigen.” — Handelingen 23:11

Paulus vraagt dus in feite: Bid mee met Gods wil.

Dat is geen toneelstuk, geen manipulatie. Dat is samenwerking in vertrouwen.

 

God wacht niet op ons — maar betrekt ons

Je vindt in de Schrift plaatsen waar het lijkt alsof God wacht tot mensen Hem iets vragen. Er zijn inderdaad momenten waarop God gebed verbindt aan Zijn handelen.

Maar wij zien vaak vooral resultaten, niet de diepere oorzaken. We kijken als het ware door een sleutelgat; God ziet het hele huis.

De Bijbel laat ook zien dat God Zelf mensen betrekt in Zijn plannen — Hij legt gebed “op het hart”.

Dat wordt heel helder in Ezechiël:

Op de dag dat Ik jullie reinig van al jullie ongerechtigheden, zal Ik de steden doen bewonen (…) Ik, de HEERE, heb gesproken en Ik zal het doen.
Zo zegt de Heere HEERE: ‘Ook hierom zal Ik Mij door het huis van Israël laten vragen, dat Ik het voor hen doe.
’” — Ezechiël 36:33–37

God zegt niet alleen: Ik zal het doen.
Hij zegt ook: Ik zal ervoor zorgen dat jullie Mij hierom vragen.

Denk je werkelijk dat Gods plannen afhangen van:

  • de hoeveelheid mensen die bidden?
  • de lengte van hun smeekbeden?
  • het volume van hun woorden?
  • de intensiteit van hun inspanning?

God hoeft niet geïnformeerd te worden. Hij hoeft niet wakker geschud te worden. Hij hoeft niet “overgehaald” te worden.

Hij is God.

En toch is Hij zó genadig dat Hij ons laat deelnemen.

Zoals een vader die zijn kind even het stuur laat vasthouden: het kind denkt dat het rijdt — maar het wordt gedragen en geleid.

Baäl: veel lawaai, geen antwoord

Het contrast wordt scherp zichtbaar op de Carmel.

Roept gij dan de naam van uw god aan, en ik zal de naam van de HEERE aanroepen. De God Die met vuur antwoordt, Die is God.” — 1 Koningen 18:24

De profeten van Baäl waren met honderden. Ze riepen, schreeuwden, dansten, verwondden zichzelf, bleven doorgaan — en toch kwam er niets.

Elia bad kort, eenvoudig en doelgericht:

HEERE, God van Abraham, Isaak en Israël (…) antwoord mij, HEERE, antwoord mij, opdat dit volk weet dat Ú, HEERE, God bent, en dat Ú hun hart weer terugbrengt.” — 1 Koningen 18:36–37

Toen kwam het vuur van de HEERE.

Niet omdat Elia een gebedsprofessional was, maar omdat hij bad in lijn met Gods bedoeling.

Jezus: van inspanning naar rust

Jezus zei:

Wanneer u bidt, wees dan niet als de huichelaars (…) Maar wanneer u bidt, ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader, Die in het verborgene is (…)
En als u bidt, gebruik geen omhaal van woorden zoals de heidenen, want zij denken dat zij door hun veelheid van woorden verhoord zullen worden.
Wees hun dan niet gelijk, want uw Vader weet wat u nodig hebt, vóórdat u tot Hem bidt
.”  — Mattheüs 6:5–8

Deze woorden brengen gebed van vlees naar geest, van inspanning naar rust.

  • Niet bidden om gezien te worden.
  • Niet bidden alsof woorden punten scoren.
  • Niet bidden alsof God informatie nodig heeft.

De Vader weet het al.

En juist dat besef brengt ons dichter bij de hoogste vorm van gebed: rusten in God, en willen wat Hij wil.

Bidden zonder ophouden

Paulus schrijft:

Bid zonder ophouden.” — 1 Thessalonicenzen 5:17.   Je leven mag een gebed worden!

Hoe is dat mogelijk?

Niet door dag en nacht woorden te blijven produceren, maar door een innerlijke gerichtheid: leven in voortdurende afhankelijkheid en overgave.

De hoogste vorm van gebed heeft te maken met besef en vertrouwen:

  • besef dat wij niet weten wat het beste is
  • vertrouwen dat God het wel weet

Daarom zegt Paulus ook:

En evenzo komt de Geest onze zwakheden te hulp. Want wij weten niet wat wij bidden zullen zoals het behoort, maar de Geest Zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen.” — Romeinen 8:26

Dat is soms alles wat er nog overblijft: geen woorden, geen kracht, geen helderheid — alleen een zucht. En juist daar bidt Gods Geest in ons.

Waarom zouden we dan niet leren om God te laten bidden?

Gebed dat altijd verhoord wordt

Johannes schrijft:

En dit is de vrijmoedigheid die wij tegenover Hem hebben: dat Hij ons verhoort, als wij iets bidden naar Zijn wil.” — 1 Johannes 5:14

Dat is de kern.

Gebed is niet de hand die Gods hand stuurt.
Gebed is het verlangen — en de overgave — dat Gods wil gedaan zal worden.

Gebed Stuurt God Niet Het Stemt Ons Af Op Zijn Wil Pdf
PDF – 241,0 KB 2 downloads