DE DOOD – EINDE OF DOORGANG?

Deel 5 – De eerste en tweede opstanding

Hoofdtekst

In het vorige deel zagen we dat de hoop van de mens niet ligt in een onsterfelijke ziel, maar in de opstanding uit de dood.

Maar de Schrift openbaart nog iets meer.

Er is niet slechts één opstanding.

Er zijn opstandingen in een bepaalde volgorde.

De apostel Paulus schrijft:

Want zoals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden. Maar ieder in zijn eigen orde: Christus als Eersteling, daarna die van Christus zijn, bij Zijn komst. Daarna komt het einde, wanneer Hij het koningschap aan God en de Vader overdraagt.”  1 Korinthe 15:22-24

Let op deze volgorde:

  1. Christus
  2. Daarna: die van Christus zijn
  3. Daarna: het einde

Dit laat zien dat de levendmaking niet in één moment plaatsvindt, maar in fasen.

De eerste opstanding

De Schrift spreekt expliciet over wat zij noemt:

de eerste opstanding

We lezen:

En ik zag tronen, en zij gingen daarop zitten, en het oordeel werd hun gegeven. Ook zag ik de zielen van hen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus en om het Woord van God… En zij werden levend en gingen als koningen heersen met Christus, duizend jaar lang. Maar de overigen van de doden werden niet weer levend, totdat de duizend jaar tot een einde gekomen waren. Dit is de eerste opstanding. Zalig en heilig is hij die deel heeft aan de eerste opstanding. Over hen heeft de tweede dood geen macht.”  Openbaring 20:4-6

Concordant: 4 En ik nam tronen waar en zij gaan op hen zitten. En aan hen werd oordeel gegeven. En de zielen van die met de bijl geëxecuteerd zijn vanwege de getuigenverklaring van Jezus en vanwege het woord van God en die het wilde dier noch de afbeelding er van aanbidden en niet het merkteken op het voorhoofd en op hun hand in ontvangst namen, zij leven en zij zijn koningen met Christus, duizend jaren. [Luc. 22:30] - [Openb. 6:9] - [Openb. 13:19]

Concordant Commentaar: Oordelen verwijzen hier, zoals vaak, niet naar bestraffing, maar naar beloningen. Dit "oordeel" van de heiligen bestaat uit het elk de plaats in het koninkrijk geven die hij verdient. Het moet betreurd worden dat er geen goed Engels woord is voor oordeel, dat vraagt om zaken recht te zetten, of de actie nu gunstig of het tegendeel is. God oordeelt Zijn heiligen – allen krijgen wat hen toekomt, of hun recht daarop nu gebaseerd is op hun eigen daden of op Zijn beloften.

Uit het gebruik van dit woord wordt het duidelijk dat zelfs de veroordeling van de ongelovige niet slechts een vertoon van doelloze woede is, maar zorgvuldig berekend om al het verkeerde van alle betrokkenen recht te trekken. De claims van God en Christus en van de zondaar zelf worden allemaal net zo gewetensvol overwogen als in het eerste oordeel in Eden (Gen. 3:14-19), waar de vervloeking van de grond werd gedaan ten behoeve van de mens.

TEMPELSECTIE – DE EERDERE OPSTANDING

Zij die de dood hebben geleden voor hun loyaliteit tijdens de grote vervolgingen van de eindtijd, worden speciaal betrokken bij de eerdere opstanding. Dit is de tijd waarvan Daniël sprak (7:22), wanneer "de heiligen het koninkrijk beveiligen". Dit is de opstanding van de rechtvaardigen (Luk. 14:14) en de opstanding ten leven (Joh. 5:29), in tegenstelling tot de opstanding ten oordeel (20:12). Maar zij die martelaar worden of die volharen tot het einde, zullen het toegevoegde voorrecht hebben om met Hem te heersen en zullen Zijn priesters zijn voor de duizend jaren. Hun beproevingen hebben een aionisch gewicht van heerlijkheid voor hen voortgebracht. Zij zullen inderdaad blij en heilig zijn.

Concordant: 5 (De overigen van de doden leven niet totdat de duizend jaren tot een einde gebracht zouden worden.) Dit is de eerste opstanding. [Openb. 4:2]

 Commentaar: 5 De uitspraak dat "de rest van de doden leefden niet tot de duizend jaren voltooid zijn" werd in het beste manuscript weggelaten. Omdat dezelfde codex ook de stammen van Gad (7:5) en Simeon (7:7) weglaat uit de 144.000, moet er niet te veel nadruk gelegd worden op zo’n weglating. Deze stammen moeten ingaan om het vereiste aantal (144.000) in dat manuscript te bereiken. Indien we de invoeging van de stammen aanvaarden, moeten we ook de invoeging van deze uitspraak aanvaarden, want het rust op hetzelfde bewijs. Het kan door een kopieerder gemakkelijk over het hoofd zijn gezien, want de voorafgaande zin eindigt met dezelfde woorden als deze doet – "de duizend jaren" (zie de Griekse tekst). Het is bij het kopiëren gemakkelijk over te stappen van de eerste "duizend jaren" naar de volgende, en zo de tussenliggende uitspraak weg te laten.  

6 Gelukkig en heilig is die deel heeft aan de eerste opstanding. Over dezen heeft de tweede dood geen autoriteit, maar zij zullen priesters van God zijn en van Christus en zij zullen met Hem de duizend jaren koningen zijn. [Openb. 2:11] - [Ex. 19:6]

Commentaar: 6 De duizend jaren begrenzen hun heersen als priesters. Als koningen heersen zij voor de aionen van de aionen (22:5) – een veel langere periode.

Hier wordt een duidelijk onderscheid gemaakt.

Er is een groep die wordt opgewekt.

Maar er is ook een groep die niet wordt opgewekt op dat moment.

De tekst zegt:

De overigen van de doden werden niet weer levend, totdat de duizend jaar tot een einde gekomen waren.

Dit betekent dat zij nog dood blijven, werkelijk dood.

Zij leven niet ergens anders verder, zij wachten op hun opstanding.

De tweede opstanding

Na deze periode vindt een andere opstanding plaats.

Jezus zelf spreekt hierover:

Verwonder u hierover niet, want de ure komt waarin allen die in de graven zijn, Zijn stem zullen horen, en zij zullen eruit gaan: wie het goede gedaan hebben, tot de opstanding van het leven, en wie het kwade gedaan hebben, tot de opstanding van het oordeel.  — Johannes 5:28-29

Let opnieuw op wat hier staat:

allen die in de graven zijn, niet een deel maar “Allen”.

Dit omvat ook degenen die niet deelnamen aan de eerste opstanding, ook zij zullen worden opgewekt.

De grote witte troon

Openbaring beschrijft deze gebeurtenis uitvoerig:

En ik zag de doden, klein en groot, voor God staan. En de boeken werden geopend… En de doden werden geoordeeld op grond van wat in de boeken geschreven stond, naar hun werken. En de zee gaf de doden die in haar waren. Ook de dood en het rijk van de dood gaven de doden die in hen waren. En zij werden geoordeeld, ieder naar zijn werken.” Openbaring 20:12-13

Commentaar: Zo wordt alle kwaad afgescheiden in de poel des vuurs, waar Satan en het wilde beest en de valse profeet al zijn (20:10). "Dit is de tweede dood" definieert de poel des vuurs. Zij die opgewekt zijn uit de dood keren terug naar dezelfde toestand in de tweede dood. De enige immuniteit tegen veroordeling ligt in het hebben van een plaats in het boek des levens.

Hier zien we iets fundamenteels:  De dood geeft de doden terug, de dood houdt hen niet vast, de dood wordt ongedaan gemaakt.

Waarom twee opstandingen?

De eerste opstanding betreft hen die bij Christus horen.

De tweede opstanding betreft de overige doden.

Maar beide bevestigen dezelfde waarheid:

De doden zijn dood, zij leven niet bewust verder.

Zij moeten worden opgewekt.

De uiteindelijke overwinning

Paulus beschrijft het einddoel:

De laatste vijand die tenietgedaan wordt, is de dood.”1 Korinthe 15:26

En:

Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.1 Korinthe 15:22

De dood is tijdelijk.   -      Opstanding is Gods antwoord.

Waarom dit belangrijk is

Dit verandert onze kijk op dood, oordeel en hoop.

Niemand ontsnapt aan de dood, maar ook niemand blijft uiteindelijk gevangen in de dood.

Gods plan eindigt niet met dood, maar met leven.

Samenvatting

De Schrift leert:

Er is een volgorde in opstanding:

  1. Christus
  2. Daarna: die van Christus zijn
  3. Daarna: de overige doden

De dood houdt niemand permanent vast.

God wekt de doden op.

Doordenkvraag

Als God werkelijk alle doden zal opwekken, wat betekent dat voor je beeld van Gods plan met de mensheid?

 

Als bijlage enkele pagina’s uit mijn boek:

Mijn hoop is na de dood, in de opstanding!

Listig

Helaas heb ik ook een flink aantal jaren mee gedaan om de dood te ontkennen. Door de ontkenning van de dood heb ik schaamteloos gemarchandeerd  met  het  leven  in  het  hiernamaals. De  hemel  werd  mijn  koopwaar  en  de  hel  een  gesel. De dood wordt verheerlijkt, en de Heer had evengoed dood kunnen blijven!

“De slang echter zeide tot de vrouw: Gij zult geenszins sterven, …Gen. 3:4 Ontkennen van de dood komt uit de mond van de slang. En vele wereldreligies spreken hem na! Ik ga niet echt dood, na dat mijn hart stopt met kloppen leef ik verder in de hemel, is dat zo?…Is Jezus dan wel echt gestorven? Als Hij gelijk verder leefde in de hemel, wat is dan Zijn opstanding?

Hoop op leven!

Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, als eersteling van hen, die ontslapen zijn. Want, dewijl de dood er is door een mens, is ook de opstanding der doden door een mens. Want evenals in Adam allen sterven, zo zullen ook in Christus allen levend gemaakt worden.”  - 1 Kor. 15:20-22

En zodra dit vergankelijke onvergankelijkheid aangedaan heeft, en dit sterfelijke onsterfelijkheid aangedaan heeft, zal het woord werkelijkheid worden, dat geschreven is: De dood is verzwolgen in de overwinning. Dood, waar is uw overwinning? Dood, waar is uw prikkel?” - 1 Kor. 15:54,55

David de man Gods

Handelingen 2 : 34  Want David is niet opgevaren naar de hemelen, maar hij zegt zelf: De Here heeft gezegd tot mijn Here: Zet U aan mijn rechterhand, 35totdat Ik uw vijanden gemaakt heb tot een voetbank voor uw voeten.

"Want David is niet opgevaren naar de hemelen,"

En David was toch een man die door God zeer werd geliefd [1Sam 13:14].

Mijn dood is bijzonder nuttig!

Resumerend: Mijn dood is een werkelijke dood, ik leef niet verder in de Hemel en niet in de Hel

Op het moment van mijn dood zal ik niet langer bewust zijn van iets, zelfs niet van mijn eigen dood.

Dood is in de Bijbel geen andere vorm van leven, hetzij hoger of lager, maar het tegenovergestelde van leven. Heel simpel: iemand die dood is, die leeft niet, zie b.v. Openbaring 20:5  5De overige doden werden niet weder levend, voordat de duizend jaren voleindigd waren. Dat gaat over de omweg die de ongelovigen maken.

Het was juist de leugen van de slang in de hof van Eden die beweerde dat de mens niet zou sterven wanneer deze zou eten van de door God verboden vrucht. De slang redeneert de dood weg. Sterker nog, volgens de slang, zouden de ogen van mens juist opengaan..

Genesis 3  4De slang echter zeide tot de vrouw: Gij zult geenszins sterven, 5maar God weet, dat ten dage, dat gij daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden, en gij als God zult zijn, kennende goed en kwaad..

Tot op vandaag is dit de leugen van de slang. Vrijwel alle religie [inclusief veel christelijke] ontkent de dood door te leren dat de dood een andere, al of niet hogere vorm van leven is [onsterfelijke ziel, reïncarnatie]. Het is troosten met een leugen omdat het de poort opent voor demonenbedrog van spiritisme en omdat het een devaluering of zelfs ontkenning is van de betekenis van de opstanding. In een 'gelukzalig hiernamaals' of de zogenaamde tussentoestand, zou de opstanding niet meer dan 'suiker op de honing' zijn.

1. Het kwaad beperkt door de dood

Indien goed en kwaad nooit zou eindigen, maar eindeloos zou doorgaan, dan zou dat de doelstelling die God zich stelde kunnen verhinderen. Als Adam nog steeds zou leven en nu duizenden jaren oud zou zijn, in plaats van ongeveer negenhonderd jaar, afgeleefd, ziekelijk en hulpeloos, zou dat dan de liefdevolle doelstelling van God dienen?

Ik als mens heb een bepaalde mate van ervaring met kwaad nodig om het goede, dat God mij door Zijn genade geeft, te kunnen waarderen; om in staat te zijn Hem daarvoor te prijzen en te aanbidden. Maar eindeloos, ongelimiteerd kwaad zou mij als schepsel alleen maar tegen Hem opzetten, met uiterste wanhoop en haat als gevolg. Daarom heeft God wijselijk het proces van sterven bekort door de dood, waarin geen kennis is [Pred. 9:5], tot de opstanding.

Adam werd gemaakt uit de aarde [Gen. 2:7] en keerde in de dood weer terug naar de aarde [Gen. 3:19]. Dit geldt voor de gehele mensheid. Gods doelstelling wordt gediend, en mijn les wordt geleerd door middel van een relatief korte ervaring met kwaad op aarde.

Geen Goed In Eden

In de Hof van Eden werd het "goede" niet echt genoten. Dit komt omdat Adam en Eva, hoewel omringd door overvloed en zegeningen, geen besef hadden van contrast of tekort. Zonder de kennis van goed en kwaad konden ze de waarde van het "goede" niet volledig begrijpen of waarderen. Ondanks alle overvloed waardeerde Adam niets en was hij volledig ondankbaar voor de onvoorstelbare zegeningen om hem heen. God werd door Adam en Eva niet aanbeden in de Hof, omdat zij geen kennis hadden van het "goede", hoewel zij erdoor omringd waren. Zonder deze kennis konden zij niet begrijpen wat het betekent om dankbaar te zijn of de waarde te zien van wat ze hadden ontvangen, waardoor hun aanbidding van God oppervlakkig bleef.

Dit is een fundamentele waarheid die ik goed moet beseffen als ik zelf het goede van het kwaad wil leren onderscheiden. God bracht zowel het goede als het kwaad op Adam en Eva, niet als straf, maar als een middel om hun ogen en harten te openen voor Zijn goedheid. Door zowel vreugde als uitdaging te ervaren, konden zij de omvang en waarde van Gods goedheid beter begrijpen en erkennen hoe diep Zijn zorg en intenties voor hen reikten.

En zoveel duizenden jaren later is dat voor mij niet anders. Ook vandaag ervaar ik dat vreugde en uitdagingen samenkomen, en juist door deze mix leer ik Gods goedheid en zorg steeds beter begrijpen. Het laat zien hoe tijdloze waarheden ons leven blijven vormen en ons perspectief verdiepen.

Jesaja 45:7 SV: "Die het licht formeert en de duisternis schept; Die de vrede maakt en het kwaad schept; Ik ben de HEERE, Die al deze dingen doet."

De dood is een terugkeer

Zó wordt de dood door God Zélf gedefinieerd. De eerste keer dat uitleg gegeven wordt aan het begrip 'sterven' lezen we:

... in het zweet uws aanschijns zult gij brood eten, totdat gij tot de aardbodem wederkeert, omdat gij daaruit genomen zijt; want stof zijt gij en tot stof zult gij wederkeren  Genesis 3:19

... en het stof wederkeert tot de aarde, zoals het geweest is, en de geest wederkeert tot God, die hem geschonken heeft. Prediker 12:7

Mijn stoffelijke lichaam keert terug naar de aarde waaruit het genomen is. En de levensgeest keert terug tot God die het gegeven heeft. De dood is dus geen nieuwe ervaring maar het brengt mij juist weer terug bij 'af'. Zoals ik geen enkele gewaarwording had vóór mijn geboorte, zo ook niet meer na mijn sterven.

Dood is als niet-zijn

De dood is geen andere wijze van 'zijn' maar een toestand die gekarakteriseerd wordt als 'niet-zijn'. Dit betekent dat er geen bewustzijn, waarneming of bestaan meer is, in tegenstelling tot opvattingen waarin de dood een overgang naar een andere vorm van bestaan is.

Job 7:21  Weldra zal ik nederliggen in het stof; dan zult Gij mij zoeken, maar ik zal niet meer zijn.

Job 10:18,19  18Maar waarom deed Gij mij uit de moederschoot voortkomen, gaf ik de geest niet, eer een oog mij zag? 19Ik zou dan zijn, alsof ik niet geweest ware; van de moederschoot zou ik grafwaarts zijn gedragen. .

Psalm 39:14 Wend uw blik van mij af, opdat ik mij wederom verblijde, eer dat ik heenga en niet meer ben.

De dood is als een slaap

Iemand die slaapt bevindt zich in een toestand van rust en is zich van niets bewust. Omdat dit ook karakteristiek voor de dood is, wordt deze in de Schrift dikwijls vergeleken met de slaap.

Job 14: 11-12 11Zoals water verdampt uit een meer ben een rivier verloopt en uitdroogt, 12zo legt een mens zich neer en staat niet weer op; totdat de hemelen niet meer zijn, ontwaken zij niet en worden niet wakker uit hun slaap.

Mattheus 9 : 24 24zeide Hij: Gaat heen, want het meisje is niet gestorven, maar het slaapt.

Johannes 11: 11-13 11Zo sprak Hij en daarna zeide Hij tot hen: Lazarus, onze vriend, is ingeslapen, maar Ik ga daarheen om hem uit de slaap te wekken. 12De discipelen zeiden dan tot Hem: Here, als hij slaapt, zal hij herstellen. 13Doch Jezus had het bedoeld van zijn dood; zij echter meenden, dat Hij het van de rust van de slaap bedoelde. 14Toen zeide Jezus ronduit tot hen: Lazarus is gestorven.

Stel dat de dood een toestand is waarin allerlei ervaringen worden opgedaan. Dan zouden we toch mogen verwachten dat de enkele mensen die uit deze toestand zijn teruggekeerd – zoals het dochtertje van Jaïrus, de jongeling van Naïn, en Lazarus – hierover veel te vertellen zouden hebben. Het ontbreken van dergelijke ervaringen is belangrijk, omdat het de Bijbelse beschrijving van de dood als een toestand van bewusteloosheid ondersteunt, en daardoor twijfel zaait over opvattingen waarin de dood een bewuste, actieve ervaring is. Zij waren immers 'ervaringsdeskundigen'.

Toch zwijgt de Schrift hier oorverdovend over. Dit zwijgen is significant omdat het de consistentie onderstreept van het Bijbelse perspectief op de dood als een toestand van onbewust zijn, zonder herinneringen of ervaringen. Het contrasteert scherp met moderne opvattingen die vaak spreken van een bewuste overgang na de dood. Er is geen enkele aanwijzing dat zij herinneringen of inzichten hadden opgedaan tijdens hun doodstoestand. Dit lijkt goed verklaard te worden door de Bijbelse beschrijving van de dood als een toestand van 'slapen' [bijvoorbeeld in Johannes 11:11-14 en Prediker 9:5], waarin men zich van niets bewust is. Deze interpretatie wordt ondersteund door andere gedeelten in de Schrift, zoals Psalm 6:5 en Jesaja 38:18, waar wordt aangegeven dat de doden geen lof zingen voor God, wat consistent is met een toestand van onbewustheid. Theologisch sluit dit aan bij het idee van de opstanding als de enige hoop op leven na de dood. Vanuit dit perspectief is de dood geen fase van actieve ervaring, maar eerder een onderbreking van het leven, wachtend op de opstanding. Dit betekent dat de doden in een toestand van bewusteloosheid blijven tot het moment waarop God hen weer tot leven roept. Dit concept benadrukt de afhankelijkheid van God voor nieuw leven en sluit aan bij de Bijbelse hoop op een toekomstige opstanding, zoals beschreven in 1 Korintiërs 15:52-54, waarin de opstanding wordt gepresenteerd als het moment van overwinning op de dood.

Paulus schrijft in 1Korinthe 15 dat de enige hoop voor de ontslapenen de opstanding is. 17en indien Christus niet is opgewekt, dan is uw geloof zonder vrucht, dan zijt gij nog in uw zonden. 18Dan zijn ook zij, die in Christus ontslapen zijn, verloren. 19Indien wij alleen voor dit leven onze hoop op Christus gebouwd hebben, zijn wij de beklagenswaardigste van alle mensen.

Buiten de opstanding is er, géén hoop voor de doden. Zij die in Christus ontslapen zijn zouden buiten opstanding om, verloren zijn. Een bewijs dat de doden zich in de tussentijd niet in de gelukzaligheid van de Hemel bevinden, of in een ‘Tussentoestand’.

In vele toonaarden meldt de Schrift dat de doden geen enkel bewustzijn hebben.

Psalm 115:17 17Niet de doden zullen de Here loven,

Psalm 30: 10 10Wat voor gewin ligt er in mijn bloed, in mijn nederdalen in de groeve? Kan het stof U loven, niemand van wie in de stilte zijn neergedaald,

Psalm 6:6   6Want in de dood is Uwer geen gedachtenis; wie zou U loven in het dodenrijk?

Prediker 9:5 5De levenden weten tenminste, dat zij sterven moeten, maar de doden weten niets; zij hebben geen loon meer te wachten, zelfs hun nagedachtenis is vergeten.

Prediker 9:10 10Al wat uw hand vindt om naar uw vermogen te doen, doe dat, want er is geen werk of overleg of kennis of wijsheid in het dodenrijk, waarheen gij gaat.

Jesaja 38:18 18Want het dodenrijk looft U niet, de dood prijst U niet; wie in de groeve zijn neergedaald, hopen niet op uw trouw.

De dood wordt uitgeschakeld

2Timotheüs 1:10 ... onze Redder, Christus Jezus, die de dood teniet doet en onvergankelijk leven aan het licht brengt door het evangelie.

In het sublieme hoofdstuk over de triomf van het Leven, 1 Korinthe 15:22-28, legt Paulus uit dat Zoals alle mensen in Adam sterfelijk zijn – wat betekent dat zij sterven omdat zij deel uitmaken van de menselijke natuur die vergankelijk is – zo zullen in Christus alle mensen worden levendgemaakt, omdat zij door Hem deel krijgen aan het eeuwige-aionisch leven dat Hij brengt. Dit gebeurt weliswaar in een bepaalde volgorde, ieder in zijn eigen rangorde, zoals beschreven in 1 Korinthe 15:23, waar Christus de Eersteling is, gevolgd door degenen die bij Zijn komst tot leven komen. Uiteindelijk zal echter niemand worden uitgesloten. Zolang niet alle mensen zijn levendgemaakt, zoals de Eersteling Christus, is de dood niet volledig tenietgedaan of afgeschaft.

Eén van de grootste misvattingen die ik ooit moest leren, is het idee van een 'eeuwige dood', waarin een groot deel van de mensheid geacht wordt te blijven. Dit staat haaks op de onvoorwaardelijke blijde boodschap van de Schrift, die ronduit verklaart dat de dood de laatste vijand is die zal worden uitgeschakeld, afgeschaft. Het idee van een 'eeuwige dood' is wijdverspreid door eeuwenlange interpretaties die nadruk leggen op straf en oordeel, vaak voortkomend uit middeleeuwse theologie en angstcultuur. Dit staat echter in contrast met de blijde boodschap van de Schrift, die hoop en verlossing biedt aan alle mensen. Alleen dán kan God alles in allen worden – dat wil zeggen, alles in allen die in Adam sterfelijk zijn, dus alle mensen. Dit betekent praktisch dat Gods aanwezigheid en heerschappij volledig en direct ervaren zullen worden door iedereen. Elk aspect van het bestaan wordt dan vervuld door Zijn liefde, gerechtigheid en leven, zonder enige verdeeldheid of tegenstand.

Zoals nu al het leven wordt verzwolgen door de dood, zo zal uiteindelijk alle dood worden verzwolgen door het Leven! Dit beeld benadrukt de totale overwinning van het Leven op de dood, waarin alles wat sterfelijk en vergankelijk is plaatsmaakt voor onsterfelijkheid en eeuwig-aionisch leven. Het verwijst naar een toekomst waarin geen dood, verdriet of verlies meer bestaat, en het leven in zijn volheid alle ruimte inneemt. Of anders gezegd: zoals de dood nu alles levend opslokt, zo zal ooit het Leven de dood volledig verslinden.

Efeziërs 3:11 11Naar het eeuwig voornemen, dat Hij gemaakt heeft in Christus Jezus, onze Heere;

SW 11 overeenkomstig het voornemen van de aionen dat Hij maakt in Christus Jezus, onze Heer

Hier is sprake van ‘het eeuwenoude plan’ [NBV] of ‘het eeuwig[e] voornemen’ [NBG en SV] dat God in Christus heeft gemaakt. In werkelijkheid staat daar in de grondtekst: Prothesin ton aionen - vertaald is dat: het plan van de aionen [eeuwen]. Aanvankelijk dacht ik bij het woord eeuw aan een periode van honderd jaar, maar dat hoeft het woord niet persé te betekenen. Denk bijvoorbeeld aan ‘De Gouden Eeuw.’

God heeft een plan opgesteld voor Zijn schepping, waarin Hij Zichzelf geleidelijk aan Zijn schepselen onthult. Dit plan omvat verschillende aionen [eeuwen], elk met een unieke wereldorde die van toepassing is en functioneert. Het begrip aion verwijst niet alleen naar een tijdperk, maar ook naar een stroming – de specifieke loop der dingen, de heersende gang van zaken, of de geest van de tijd [tijdgeest].

Zelfs de vertaling van aion als "wereld" kan zinvol zijn, mits ik denk aan termen zoals de sportwereld, de muziekwereld, of de modewereld. Elk van deze werelden heeft zijn eigen kenmerken, rituelen en wetten. Op een soortgelijke manier vertegenwoordigt een aion een door God bepaald tijdperk met een eigen orde.

Een aion kan het best worden omschreven als een [lang] tijdperk dat door God is ingesteld, waarin een specifieke orde geldt en waarin een unieke beweging of stroming wordt voortgebracht die alleen voor dat tijdperk relevant is.

Het aionische [eeuwige] leven begint niet onmiddellijk na mijn sterven. Ik ga niet direct naar de hemel of de hel, zoals vaak wordt beweerd. Dit idee is een verzinsel van verschillende kerkvaders, bedoeld om gehoorzaamheid af te dwingen door middel van angst. Volgens de Schrift ben ik na mijn overlijden eenvoudigweg dood, zonder enig bewustzijn. Zoals Jesaja 38:18 zegt: "Want het graf zal U niet loven, de dood zal U niet prijzen; die in de kuil neerdalen, zullen op Uw waarheid niet hopen." Ook Prediker 9:5 en 9:10 bevestigen dit: de doden weten niets en hebben geen deel meer aan wat onder de zon gebeurt.

Als overledene zal ik rusten in het graf, wat betekent dat ik me in een toestand van onbewustheid en vrede bevind, wachtend op het moment van de opstanding. Deze rust symboliseert een fase waarin ik niets waarneemt, totdat Christus zijn stem doet horen om mij tot leven te wekken. Dit zal plaatsvinden wanneer het Koninkrijk der Hemelen op aarde wordt geopenbaard, na het einde van de huidige zogenoemde genadetijd. ‘..want de ure komt, dat allen, die in de graven zijn, naar zijn [Christus] stem zullen horen, en zij zullen uitgaan, wie het goede gedaan hebben, tot de opstanding ten leven, wie het kwade bedreven hebben, tot de opstanding ten oordeel.’ - Johannes 5:28,29 NBG. Zie ook Daniël 12:2; Handelingen 24:15.

De bovenstaande passage heeft niet betrekking op het oordeel bij de grote witte troon, na het zogenoemde duizendjarig rijk. Deze verzen gaan over het Koninkrijk der Hemelen op aarde, een tijdperk waarin mensen geoordeeld, gericht, bestuurd en onderwezen zullen worden.

Met het Koninkrijk der Hemelen wordt niet verwezen naar de hemel, de Kerkgeschiedenis of het duizendjarig rijk. Deze uitsluitingen zijn belangrijk omdat zij benadrukken dat het Koninkrijk der Hemelen een uniek en onafhankelijk concept is dat zich richt op de directe, zichtbare heerschappij van God op aarde, los van eerdere of toekomstige tijdperken zoals vaak wordt aangenomen. Het woord "koninkrijk" is de vertaling van het Griekse Basileia, wat ook kan worden vertaald als "soevereiniteit," "autoriteit," "heerschappij" of "koninklijke macht." Deze alternatieve vertalingen zijn relevant omdat ze de veelzijdigheid van het concept benadrukken. Ze laten zien dat het niet slechts gaat om een fysiek gebied, maar ook om de aard van het gezag en de invloed die wordt uitgeoefend. Dit verrijkt het begrip van 'koninkrijk' door te wijzen op de dynamiek van Goddelijke macht en bestuur, die zowel innerlijk als zichtbaar wordt uitgeoefend. Het betreft een waarneembare heerschappij van de hemelen over de aarde, een tijd waarin de hemelse autoriteit zich zichtbaar manifesteert op aarde.

Deze heerschappij vindt plaats vóór de grote verdrukking, de wederkomst en het duizendjarig rijk. Het Koninkrijk der Hemelen verwijst niet naar een specifiek geografisch gebied, maar naar een innerlijke gesteldheid van het hart en de geest. Deze innerlijke gesteldheid manifesteert zich in het dagelijks leven door daden van liefde, gerechtigheid en nederigheid. Het beïnvloedt hoe mensen omgaan met elkaar en met de wereld, doordat ze leven vanuit een diep bewustzijn van Gods leiding en waarden. Het gaat om een verandering in de geestelijke oriëntatie van de mensheid onder de leiding van Goddelijke soevereiniteit.

Zolang niet alle mensen zijn levendgemaakt, zoals de Eersteling Christus, is de dood niet volledig tenietgedaan of afgeschaft.

Deel 5 De Eerste En Tweede Opstanding Pdf
PDF – 575,4 KB 2 downloads